Na een operatie voor maag- of slokdarmkanker komen vitaminen- en mineralentekorten vaak voor. Veel mensen maken zich hier zorgen over. Lukraak een multivitamine slikken is echter niet de oplossing. Zeven vragen over vitaminetekorten aan Tanya Bisseling, mdl-arts bij het RadboudUMC in Nijmegen.
1. Na een maagverwijdering behoort een B12-injectie voortaan tot de standaard suppletie. Bij een buismaag is dit niet nodig. Hoe zit dat?
“Voor het opnemen van vitamine B12 heb je een stof nodig die ‘intrinsic factor’ heet. Die stof wordt aangemaakt in je maag. Zonder deze stof kan je lichaam nog maar heel weinig B12 opnemen.
Na een buismaagoperatie heb je nog ongeveer een derde van je maag over. Daardoor maak je meestal nog genoeg Intrinsic Factor aan om vitamine B12 normaal op te nemen.
Zonder maag werkt dit niet meer. Je bent dan aangewezen op B12-injecties of hoge dosis B12-tabletten (1000 microgram per dag).”
2. Wat zijn naast B12-tekorten die op de loer liggen wanneer je geen maag of een buismaag hebt?
“Vooral vitamine D, ijzer en zink zijn een aandachtspunt. Bij 33 tot 52 procent van de patiënten worden tekorten gevonden. Uit de VITAMIN-studie bleek dat maar liefst 80 tot 88 procent van de patiënten minstens één tekort ontwikkelde. Vitamine D, ijzer en ferritine kwamen het vaakst voor.”
Uit een groot onderzoek bij 263 patiënten kwamen deze tekorten het meest voor:
| Na slokdarmoperatie | Na maagoperatie | |
|---|---|---|
| Vitamine D | 33 % | 52 % |
| IJzer | 36 % | 33 % |
| Zink | 20 % | 28 % |
3. Wat zeggen de richtlijnen over het aanvullen van tekorten?
“Na een maagoperatie staan er in de Nederlandse richtlijn adviezen over voeding en vitamines. De Nederlandse richtlijn adviseert na een maagverwijdering om jaarlijks de ijzerstatus te laten controleren. Bij een maagverwijdering worden B12-injecties van 1000 microgram aanbevolen elke twee maanden (in de spier of diep onder de huid).
Na een slokdarmoperatie is er een verhoogd risico op ondervoeding en vitaminegebrek. Vitamine B12-tekort kan voorkomen, maar het komt te weinig voor om bij iedereen standaard B12-supplementen voor te schrijven.”
4. Welke klachten wijzen op tekorten?
“Een ijzertekort gaat samen met snel vermoeid zijn, bleke huid, snel buiten adem zijn en rusteloze benen. Een vitamine B12-tekort kan leiden tot moeheid, duizeligheid, hartkloppingen en oorsuizen. Ook tintelingen in de vingers, geheugenverlies, coördinatiestoornissen en spierzwakte in de benen komen vaak voor.
Symptomen van een zinktekort zijn bijvoorbeeld afwijkingen aan de huid, slijmvliezen en skelet, anders ruiken en proeven, verminderde afweer tegen infecties en in zeldzame gevallen nachtblindheid omdat het vitamine A zijn werk niet goed meer kan doen.”
‘Ik vind dat je bij twijfel altijd met de huisarts moet overleggen’
5. In de brochure staat dat er bij een waarde onder de 150 pmol/L sprake is van een B12-tekort. Maar rond de 300 pmol/L kunnen zich al klachten voordoen door een te lage waarde op weefselniveau. Hoe zit dat?
“Bij twijfel of een laag B12-gehalte de klachten kan verklaren, wordt vaak een functietest gedaan. B12 is nodig om het aminozuur homocysteïne te verwerken. Indien er te weinig vitamine B12 aanwezig is, stijgt het homocysteïne gehalte in de weefsels. Als het gehalte aan B12 in het laagnormale gebied ligt (dus 150-250), maar het homocysteïne normaal is, dan heeft het lichaam voldoende B12 om normaal te functioneren.”
6. In de brochure staat dat het belangrijk is om naast B12 te letten op foliumzuur, ijzer en vitamine B6, omdat de samenwerking tussen B12 en deze drie belangrijk is. Ook werken de B12-injecties niet als er een foliumzuurtekort is.
“Inderdaad, ook foliumzuur is nodig voor de verwerking van B12. En ook vitamine B6, maar daar zie ik nooit problemen mee. Ik zie meer problemen met patiënten die multivitamines gebruiken en daardoor B6 gaan stapelen: dat geeft zenuwschade. B6 hoef je niet uit een supplement te halen. Dit zit voldoende in allerlei gebruikelijke voedingsmiddelen: vlees, vis, eieren, zuivel, volkoren graanproducten, peulvruchten, aardappelen en groenten.”
7. Wanneer moet je de huisarts raadplegen?
“Ik vind dat je bij twijfel altijd met de huisarts moet overleggen. De huisarts kan dan het beste oriënterend bloedonderzoek verrichten: Hb, ferritine, ijzerverzadiging, foliumzuur, zink, B12 en PTH. Als deze normaal zijn, kunnen de klachten veel andere oorzaken hebben.
Tekst: Rineke Wisman Beeld: Pexels, Darina Belonogova
Meer informatie
Wil je meer weten over voeding, vitamines en mogelijke tekorten na een operatie? Lees dan ook onze brochures over leven met een buismaag en na een maagresectie. Hierin vind je meer informatie over onder andere voeding, supplementen en aandachtspunten na de operatie.
Ook Doorgang thuis ontvangen?
Dit interview verscheen in Doorgang, het magazine van SPKS over leven met maag- of slokdarmkanker. Als donateur van SPKS ontvang je Doorgang drie keer per jaar thuis, met ervaringsverhalen, betrouwbare informatie en praktische tips.

